De kinderen leerden getallen tot 1000 die bestonden uit H en T.
De getallen werden eerst voorgesteld met H, T en E. De kinderen schreven dan telkens in hun tabellen hoeveel H, T en E ze zagen. Zo kwamen ze tot het juiste getal en leerden ze het getal ook juist lezen.
Daarna deden we het omgekeerd. De juf noteerde het getal in de tabellen en de kinderen tekenden de H, T en E.
Op het einde hing de juf de H, T en E door elkaar.





Geen opmerkingen:
Een reactie posten